Polish Dutch Dictionary

język polski - Nederlands, Vlaams

wartość in Dutch:

1. waarde waarde


Het heeft waarde op zichzelf.
Geld symboliseert de waarde van bezittingen.
Herhaling, vermindert ooit de waarde.
De Verenigde Staten voeren passagiersvliegtuigen uit ter waarde van miljarden dollar.
Meisjes hechten veel waarde aan mode.
Hij hecht altijd waarde aan de mening van zijn vrouw.
De waarde van de yen is sterk gestegen.
Dit horloge is van grote waarde.
Het woordenboek is van onschatbare waarde bij het leren van talen.

2. het gehalte het gehalte



3. de waarde de waarde


toegevoegde waarde

Dutch word "wartość"(de waarde) occurs in sets:

Lekcja 21-22