German Dutch Dictionary

Deutsch - Nederlands, Vlaams

sofort in Dutch:

1. meteen meteen


Ik val maar meteen met de deur in huis. Je bent ontslagen.
meteen een dokter bellen
Tot zo meteen!
Er kleven voor- en nadelen aan allebei je meningen, ik ga dus niet meteen besluiten welke te ondersteunen.
Als ge beslist hebt, handel dan meteen.
Het kan dat ik zo meteen opgeef en in plaats hiervan een dutje ga doen.
Zij wilde liefst meteen trouwen.
De posters zijn meteen van de muur afgehaald.
Het is zo broeierig, ik denk dat het zo meteen gaat onweren.
Ze stuurden er meteen een arts heen.

Dutch word "sofort"(meteen) occurs in sets:

duits lernbox 4 hoofdstuk6

2. per direct